Berekenen van kindkosten

Om alimentatie te kunnen berekenen moeten we eerst de kindkosten berekenen. Er zijn drie soorten van kosten. Allereerst de VGK (verblijfsgebonden kosten), vervolgens de NVGK (niet-verblijfsgebonden kosten), en ten slotte de bijzondere kosten. De eerste twee kunnen we ramen, de laatste is onvoorspelbaar. Deze heeft immers geen regelmatig karakter.

Een bemiddelaar heeft uiteraard de nodige tools om dit te berekenen. Eerst gaan we uit van de totale gezinsinkomsten. Ieder gezin spendeert immers een gedeelte van het inkomen aan de kinderen. Die berekening is immers gebaseerd op gemiddelden van empirisch onderzoek.

Je kan de kindkosten uiteraard ook zelf berekenen. Als deze gekend zijn kan er berekend worden of er alimentatie moet betaald worden en hoeveel. Dat kan de bemiddelaar voor jou doen.

Wat kost een kind

Om de kindkosten te berekenen, kan je uitgaan van de lijstjes hieronder. De lijstjes zijn opgesplitst in VGK en NVGK en opvangkosten – die bij allebei kunnen horen.

Ten slotte is er de laatste groep: de bijzondere kosten. Voor deze laatste groep is het moeilijk om een budget te maken. Vandaar de naam. Om die reden worden bijzondere kosten ook nooit voorzien in de alimentatie.

Verblijfsgebonden kindkosten

Dit zijn alle kosten die iedere ouder heeft indien de kinderen bij die ouder verblijven. Het zijn onder andere:

  • woonkosten;
  • energie en nutsvoorzieningen;
  • voeding en drank;
  • lichaamsverzorging;
  • apothekerskastje;
  • was en strijk;
  • ondergoed, kousen, pyjama, beddengoed;
  • ontspanningskledij;
  • meubels, bureau, bed (afschrijvingswaarde);
  • poetsmiddelen, keukenmateriaal;
  • onderhoud slaapkamer en gemeenschappelijke plaatsen;
  • telefoon, internet, televisie;
  • vervoer;
  • cultuur en ontspanning niet in clubverband, uitgaan;
  • zakgeld (plan maken leeftijdsgebonden);
  • verjaardagsfeestjes en bijbehorende cadeau voor derden;
  • communicatie.

Opvangkosten

Opvangkosten zijn kindkosten die tot 12 jaar in aanmerking voor een fiscaal voordeel. En tot 18 jaar bij een gehandicapt kind. Dus als je de opvangkosten in rekening brengt moet je ook het fiscaal voordeel in rekening brengen. Dat kan uw bemiddelaar voor jou uitrekenen. De opvangkosten zijn onder andere:

  • onthaalmoeder;
  • kinderdagverblijf;
  • voor- of naschoolse opvang;
  • vakantiekampen en stages zoals sport, wetenschap, taal, cultuur;
  • speelpleinen tijdens vakanties;
  • kosten voor leerplichtig ziek kind;
  • opvangkosten of kosten van een instelling voor een gehandicapt kind;
  • kosten voor niet verplicht onderwijs op andere uren dan normale lesuren.

Opvangkosten kunnen zowel bij de VGK als bij de NVGK. Ze kunnen ook bij de bijzondere kosten.

Niet verblijfsgebonden kindkosten

Het ramen van de NVGK is alleen belangrijk als je niet met een kindrekening werkt. Met een kindrekening immers moeten de ouders immers steeds een bedrag storten zodanig dat er voldoende provisie is. De NVGK zijn:

  • kleding en schoenen (uitgezonderd kousen, ondergoed, pyjama);
  • remgeld huisarts, tandarts (geen specialisten);
  • bus- en treinabonnement;
  • spaargeld en spaarplan (eventueel leeftijdsgebonden plan);
  • aankoop, onderhoud, herstelling fiets;
  • schoolkosten:
    • kleuteronderwijs,
    • lager onderwijs,
    • middelbaar onderwijs (exclusief computer en praktijkmaterialen);
  • schoolmaaltijden en schooldrankjes;
  • schooluitstappen zonder overnachting;
  • gsm abonnement;
  • internaat, kot.

Als je de schoolkosten bij de NVGK zet, moet je schoolpremies, studietoelagen, studiebeurzen en sociale voorzieningen aftrekken van deze kosten. Schoolkosten, internaat, kot kunnen evengoed (zelfs beter) verhuizen naar de bijzondere kosten. Als je met een kindrekening werkt heeft het weinig belang waar ze staan.

Bijzondere kosten

De bijzondere kosten zijn kindkosten waar je op voorhand geen raming van kunt maken. Ze kunnen zich voordoen of niet voordoen. Het omvat het volgende:

  1. Medische en paramedische kosten, zoals:
    • alle hospitalisatiekosten, alle consultaties van specialisten en alle door hen voorgeschreven gespecialiseerde onderzoeken, medicaties en gespecialiseerde verzorging;
    • de kosten voor aanschaf van brillen en contactlenzen, kinesitherapie, steunzolen, revalidatie, logopedie, orthodontie, therapie of begeleiding door een psycholoog of psychiater;
    • de premies voor de ziekteverzekering en hospitalisatieverzekering;
  2. De kosten verbonden aan het gevolgde onderwijs, zoals:
    • school- en studiereizen van langer dan één dag, sneeuw- bos- en zeeklassen;
    • een personal computer met de voor de studie noodzakelijke software en periferie;
    • voor het TSO, BSO, KSO en hoger onderwijs de noodzakelijke (praktijk)materialen die vermeld staan op een door de onderwijsinstelling afgeleverde lijst;
    • de inschrijvingsgelden en cursussen van hogere studies en stages inherent aan het gevolgde onderwijs;
    • de kosten van het internaat en de huur van een studentenkamer behoudens indien deze niet noodzakelijk zouden zijn of een luxe uitgave zouden uitmaken;
  3. De kosten verbonden aan de ontwikkeling van de persoonlijkheid en de ontplooiing, zoals:
    • lidgeld en basisbenodigdheden voor een sportclub, jeugdvereniging, vakantiestages, muziekschool, dansschool, taal- en sportkampen;
    • gsm, computer en randapparatuur.
  4. De kosten verbonden aan de zelfstandige mobiliteit, zoals:
    • de aankoop, onderhoud en verzekering van een fiets, brommer of auto;
    • het behalen van een rijbewijs waaronder de theoretische vorming (voor zover deze niet kosteloos langs school kan behaald worden) en de praktische vorming via een rijschool.
  5. De kosten verbonden aan gemeenschappelijke georganiseerde feesten zoals een communiefeest, verjaardagsfeest of huwelijksfeest.

Nota bij de bijzondere kosten

Het te verrekenen bedrag voor de buitengewone kosten verbonden aan onderwijs wordt in rekening gebracht na aftrek van eventuele schoolpremies, studietoelagen, studiebeurzen en sociale voorzieningen. Als het saldo negatief is worden de premies verdeeld volgens draagkracht – of opzij gezet voor toekomstige uitgaven.

Het te verrekenen bedrag voor de buitengewone kosten verbonden aan medische en paramedische zorgen wordt in rekening gebracht voor zover deze zorgen voorgeschreven zijn door bevoegde artsen of door een bevoegde instantie. Uiteraard na aftrek van de tussenkomst van de mutualiteit, van een hospitalisatieverzekering of van een andere aanvullende verzekering.

Alle bijzondere kosten dienen op voorhand overlegd te worden per brief of email. Uitzonderingen hierop zijn dringende medische kosten voor zover de dringendheid aangetoond kan worden door een bevoegde arts of door een bevoegde instantie, en kosten veroorzaakt door een logische voortzetting van het onderwijs.

Comments are closed.