Echtscheiding en de waarde van de woning is minder dan de schulden

Als de waarde van de woning lager is dan de schulden dan moeten de echtgenoten het tekort terug storten in het huwelijksvermogen, ieder voor de helft – ongeacht de eigen inbreng in de woning.

Dit is onafhankelijk of de gelden verschuldigd zijn aan derden, of aan een vergoeding die aan een echtgenoot verschuldigd is, zoals gelden van een schenking of erfenis.

De andere echtgenoot moet zijn schuld halen uit eigen goederen, inkomsten, of desgevallend een lening. Als er nog andere schulden zijn heeft de echtgenoot die vergoedingsgerechtigd is geen voorrang om betaald te worden. Hij komt gewoon mee in het lijstje met de andere schuldeisers.

Wat zegt het wetboek

Artikel 1444 van het Burgerlijk wetboek zegt dat het gedeelte van de vergoeding dat bij gebreke van voldoende baten niet uit het gemeenschappelijk vermogen kan worden opgenomen of betaald, door de andere echtgenoot verschuldigd blijft ten belope van de helft. Er is geen bijzondere verjaringstermijn voorzien voor het tenietgaan van deze schuld.

In mensentaal

Een schuld in de huwelijksgemeenschap dient steeds gedragen te worden door beide partners, ieder de helft, ongeacht het inkomen van de partners in verhouding tot het totale gezinsinkomen. Bij een scheiding worden alle opbrengsten, maar ook alle schulden in de helft gedeeld voor iedere partner. Het is ook niet belangrijk wie de lening heeft afbetaald. Dus als de waarde van de woning te laag is, moeten beide partners er voor opdraaien. Dit is onafhankelijk wat er met de woning gebeurt, dus zowel met een normale verkoop, maar ook als één van de partners de woning inkoopt.

Hoe bepaal je de waarde van de woning

Tenzij jullie dat zelf kunnen overeenkomen, is het een expert-schatter die de waarde van de woning zal bepalen. Deze schattingen zijn zeer nauwkeurig en er wordt rekening gehouden met alle factoren, zoals de staat van de woning, de ligging, en er wordt vergeleken met andere woningen in dezelfde staat en stijl in de omgeving.

Voorbeelden

  1. De woning is verkocht aan 250000 euro. Het saldo van de lening bedraagt 260000 euro. Er is dus een tekort van 10000 euro.  Iedere partner moet 5000 euro betalen aan de bank.
  2. De woning is verkocht aan 250000 euro. Het saldo van de lening is 240000 euro. Mevrouw heeft 30000 euro van een erfenis in de woning gestoken. De opbrengst van de woning van 10000 euro gaat integraal naar mevrouw. Mevrouw heeft dan nog steeds 20000 euro niet ontvangen. Meneer moet de helft, zijnde 10000 euro betalen aan mevrouw.
  3. Mevrouw neemt de woning over. De venale waarde van de woning is 250000 euro. Mevrouw neemt de woning over aan de venale waarde. Mevrouw neemt de lening over, het saldo daarvan bedraagt 240000 euro. Maar mevrouw heeft een erfenis van 30000 euro gestoken in de woning. Ze moet dus geen opleg betalen en dan nog heeft ze 20000 euro niet ontvangen. Meneer is dus 10000 euro verschuldigd aan mevrouw.

In het derde voorbeeld neemt mevrouw de woning over, doch meneer moet betalen aan mevrouw. De logica die hierachter zit, is dat schenkingen of erfenissen in een huwelijk steeds eigen blijven. Als mevrouw 30000 euro van een erfenis in een woning gestoken heeft, dan moet bij verkoop van die woning, die 30000 terug naar mevrouw. Het heeft geen belang of de woning nu verkocht wordt aan een derde, of als mevrouw de woning overneemt.

Als in dit derde voorbeeld, meneer de woning zou overnemen dan moet hij in dat geval een opleg betalen van 5000 euro. Dan heeft mevrouw nog steeds 25000 euro niet ontvangen. Meneer is daar dan nog de helft van schuldig, zijnde 12500 euro. Zijn totale opleg voor de woning wordt dus 17500 euro.

Wanneer moet de schuld tussen partners betaald worden

Zoals steeds bij een vereffening en verdeling kan dit vrij overeengekomen worden tussen de (ex)partners. Als het om grote bedragen gaat is het onwaarschijnlijk dat dit zomaar kan opgehoest worden. In de overeenkomst die de bemiddelaar maakt wordt dan duidelijk opgenomen op welke termijn de schulden zullen vereffend worden. Deze overeenkomst – mits gehomologeerd – is bindend en uitvoerbaar.

Interesten zijn in principe niet te vorderen. Het gaat immers niet om achterstallige betaling of wanbetaling. Het is niet de ander zijn schuld dat de waarde van de woning te laag uitvalt.

Anders dan wanneer een rechter dit moet opnemen in een vonnis, kan je bij een bemiddelaar een regeling overeenkomen die voor beiden doenbaar is. Het is immers niet altijd zo dat degene die het geld moet krijgen, dat geld ook nog eens onmiddellijk nodig heeft. Het kan betaald worden in schijven per maand of per jaar, of een uiterste datum stellen. Het kan verrekend worden met andere zaken die nog geregeld moeten worden.

In een bemiddeling kan je heel creatief zijn als het gaat om een vereffening en verdeling. Aarzel niet om contact op te nemen. Heb je vragen hierover stuur dan gerust een mailtje.

Comments are closed.