Onderhoudsbijdrage berekenen

Om onderhoudsbijdrage te berekenen zijn uiteraard de belangrijkste gegevens de inkomsten van beide ouders en de kindkosten. Het eerste is vrij gemakkelijk te achterhalen, het tweede is geen absolute wetenschap. Er zijn nogal wat onderhoudsgeldcalculators in gebruik. Ze gebruiken allemaal dezelfde methode op wat afwijkingen na. Deze, soms kleine, afwijkingen hebben uiteraard weerslag op de berekeningen. Ik probeer ze hier wat samen te vatten.

Naast de kleine verschillen tussen de verschillende calculators is er een verschil tussen de wijze waarop de rechtbank een berekening maakt en een bemiddelaar. Voor een bemiddelaar zijn er gewoon twee ouders, en daar vertrekt de berekening van. Een rechtbank maakt eerst het onderscheid tussen onderhoudsplichtige en een onderhoudsgerechtigde. De rechtbank beveelt meestal ook geen kindrekening, doch doet alleen de berekening van de onderhoudsbijdrage. Verder zijn er weinig of geen verschillen. Het principe is steeds hetzelfde.

De inkomsten van de ouders

Allereerst de inkomsten. Dat zijn ten eerste de inkomsten uit arbeid. Ten tweede alle roerende en onroerende inkomsten. Ten slotte alle voordelen in natura, zoals een bedrijfswagen, tankkaart, of maaltijdcheques. Behalve de maaltijdcheques is dat laatste moeilijker te bepalen.

Als voorbeeld een bedrijfswagen. Hoe groot is de verhouding zakelijk en privé gebruik? Om te beginnen kan dit zeer variabel zijn. Vervolgens is er de maandelijkse kost, zoals verzekering, afschrijving en onderhoud. Als de ouder in kwestie geen bedrijfswagen zou hebben, zou hij dan een wagen kopen in dezelfde prijsklasse? Nieuw of een occasie? Meestal wordt voor een bedrijfswagen, en voor een tankkaart een forfaitair bedrag gekozen. Wat nooit wordt gekozen is het aangegeven fiscaal bedrag. Dat is ten slotte steeds veel lager dan het werkelijke voordeel.

Waar wordt meestal geen rekening mee gehouden? Dat zijn de voordelen in natura zoals gsm, laptop, bijdrage hospitalisatieverzekering. Ten eerste gaat dit over, in verhouding, kleine bedragen. Ten tweede komen sommige van deze zaken ook in het voordeel van de kinderen. Verder is het juiste voordeel van deze zaken moeilijk in te schatten.

Vaste kosten van de ouders

De vaste kosten van de ouders bepalen niet de kindkosten, maar bepalen wel de overblijvende middelen. Met andere woorden hebben ze invloed op de verhouding waarin de ouders bijdragen tot de kosten van de kinderen. Ouders moeten immers bijdragen tot het levensonderhoud van hun kinderen in verhouding tot hun middelen.

Normaal gezien trek je een gelijke vaste kost af voor beide ouders. Dat kan de helft van het verschil in armoedegrens zijn van één tegenover twee personen, of het leefloon. In uitzonderlijke gevallen kan dat de huur of afbetaling van een woning zijn. Bij kostendelend samenwonen meestal de helft van het bedrag.

Behalve bij het verschil in armoedegrens, hebben deze aftrekposten geen invloed op het totale gezinsinkomen, dus ook niet op de totale kindkosten. Ze bepalen wel de onderlinge verhouding van de overblijvende middelen, en hebben dus invloed op de te betalen onderhoudsbijdrage.

Fiscaal neutraal of niet

De netto inkomsten van een loontrekkende zijn afhankelijk van het aantal kinderen ten laste. Dat kan verschillend zijn voor en na de scheiding. Bijvoorbeeld ten laste bij vader op de loonbrief en na de scheiding bij moeder. Altans indien beide ouders de wijziging aangeven bij hun werkgever, wat veel mensen niet doen. Om geen nacalculatie uit te moeten voeren kan de berekening fiscaal neutraal gebeuren. Dat wil zeggen de netto inkomsten zonder aftrek kinderen ten laste op de bedrijfsvoorheffing.

Fiscaal voordeel

Behalve bij fiscaal co-ouderschap heeft de ene ouder kinderen fiscaal ten laste en de andere ouder aftrekbare onderhoudsbijdragen. Het eerste geeft een verhoging van de belastingvrije sommen. Het tweede een fiscaal voordeel aan het marginale tarief. Bij jonge kinderen zal het fiscaal voordeel op de belastingvrije sommen doorgaans hoger zijn dan het fiscaal voordeel op aftrekbare alimentatie. Bij oudere kinderen zal dit doorgaans net andersom zijn.

Met het fiscaal voordeel wordt meestal geen rekening gehouden bij de berekening van de onderhoudsbijdrage.

Het gezinsinkomen

Als we de inkomsten van beide ouders samentellen en vermeerderen met de kinderbijslag, kennen we het totale gezinsinkomen. Opgelet als een ouder verhoogde kinderbijslag krijgt wegens laag inkomen. Dan tellen we die verhoging wel bij het inkomen van die ouder. En in dat geval tellen we alleen de niet-verhoogde kinderbijslag bij het gezinsinkomen.

De kindkosten

Een bepaald deel van het gezinsinkomen wordt besteed aan de kinderen. Het is echter geen lineaire schaal. Hoe lager het inkomen, hoe minder de kinderen kosten, maar er is wel een minimum kost. Voor de hoge inkomens is er in principe geen begrenzing, maar wel een afvlakking. Het bepalen van die kromme kan door een eenvoudige statistische formule, maar ook door het hanteren van verschillende tabellen met coëfficiënten die afhankelijk zijn van het inkomen.

Verder is er de leeftijdsindex. Hoe ouder de kinderen, hoe meer ze kosten. De begrenzing hier zit aan de leeftijd. Enerzijds kan een kind niet jonger zijn dan nul jaar. Anderzijds blijven de kindkosten niet stijgen. Als maximum leeftijd voor de leeftijdsindex wordt doorgaans 24 jaar genomen. Doorgaans wordt een vast getal bij de coëfficiënten geteld voor ieder jaar zodat de kromme gelijkmatig verloopt doorheen de leeftijd.

Ten slotte is er het aantal kinderen. Twee kinderen kosten niet het dubbel van één kind en drie kinderen niet de helft meer dan twee kinderen. Hier zijn twee methoden voor. Het eerste en minder gebruikelijke is gewoon de coëfficiënt nemen. Dat geeft als nadeel dat er verschillende tabellen moeten zijn per aantal kinderen. Een betere methode is met één coëfficiëntentabel te werken en de coëfficiënt te delen door één plus de som van de coefficienten van alle kinderen.

De kindkosten worden daarna opgesplitst in verblijfsgebonden en verblijfsoverstijgende kosten. De verhouding tussen die twee is ongeveer de helft (met lichte afwijkingen tussen de verschillende calculators).

De calculators berekenen nooit de bijzondere kosten. Ze berekenen slechts de normale gemiddelde kindkosten.

Bijdrage in natura

Wat zijn bijdragen in natura? Om te beginnen moeten de kindkosten verdeeld in twee groepen. De verblijfsgebonden kosten en de verblijfsoverstijgende kosten. Dat is ongeveer bij helften. De verblijfsgebonden kosten zijn de kosten die iedere ouder heeft als de kinderen bij hem of bij haar verblijven. Zoals eten en drinken en woonkosten.

Daar begint die bijdrage in natura. Stel dat de kinderen op jaarbasis 25 procent bij vader verblijven en 75 procent bij moeder, dan is de bijdrage in natura van vader 25 procent, en die van moeder 75 procent.

Is er ook een bijdrage in natura van de verblijfsoverstijgende kosten? Soms wel, doch meestal niet. Dat is wat de ouders hebben overeengekomen, en dat moet staan in de regelingsovereenkomst die de bemiddelaar maakt, of in het vonnis. Je kan er eventueel vanuit gaan dat er steeds een bijdrage in natura is van de verblijfsoverstijgende kosten. Je zou bijvoorbeeld kunnen stellen, dat een ouder waar de kinderen een weekend per twee weken verblijven, dat die ouder een minimum aan ontspanningskleding moet kopen. En kleding hoort normaal bij de verblijfsoverstijgende kosten.

Bijdrage in onderhoudsgeld

De bijdrage in onderhoudsgeld is afhankelijk van het verschil in overblijvende middelen van de ouders en van de bijdrage in natura. Ik zal dit toelichten met een eenvoudig voorbeeld. Stel dat de verblijfsgebonden kosten van de kinderen 300 euro per maand zijn. En de kinderen verblijven op jaarbasis, 1/3 van de tijd bij vader. Stel nu dat de overblijvende middelen van vader 60 procent zijn en die van moeder 40 procent van de totale overblijvende middelen, dan krijgen we volgende tabel:

vader moeder totaal
verblijf = natura 1/3 en 2/3 100 200 300
Te betalen deel 60 / 40 -180 -120 -300
Alimentatie -80 80 0

Vader betaalt in natura 100 euro, en moeder 200 euro, vermits de kinderen 1/3 van de tijd bij vader verblijven. Als we echter rekening houden met de middelen (60/40), moet vader 180 euro betalen en moeder 120 euro.

Als we dat algebraïsch optellen is het duidelijk dat vader 80 euro te weinig betaald en moeder 80 euro te veel. Vader moet dus 80 euro betalen als onderhoudsbijdrage voor de verblijfsgebonden kosten.

Voor de verblijfsoverstijgende kosten is het ten slotte eenvoudig. Stel dat die ook 300 euro zijn en we nemen dezelfde verhouding in overblijvende middelen als hiervoor. Dan moet vader hiervan 180 euro onderhoudsbijdrage betalen. Stel dat moeder alle verblijfsoverstijgende kosten doet, en vader heeft hier geen aandeel in natura in, dan betaalt vader 180 euro onderhoudsbijdrage voor de verblijfsoverstijgende kosten aan moeder. Als vader ook een aandeel in natura heeft in de verblijfsoverstijgende kosten wordt dat eenvoudig verrekend zoals in voorgaande tabel.

Als de ouders met een kindrekening werken storten beide ouders een onderhoudsbijdrage op de kindrekening. Volgens dit voorbeeld moet moeder 120 euro storten op de kindrekening en vader 180 euro. En uiteraard bij verhoging of verlaging, moeten de stortingen in dezelfde verhouding blijven.

Onderhoudsbijdrage berekenen

Deze link: onderhoudsbijdrage voor kinderen berekenen, is een gratis rekenmodule op basis van een recent verschenen artikel in Wolters Kluwer (2019/10 – december 2019). Zoals hiervoor beschreven is de methode voor het berekenen van onderhoudsbijdrage altijd nagenoeg hetzelfde, doch de interpretatie van de parameters kunnen verschillen geven tussen verschillende calculators.

Opleidingen

Wilfried Mestdagh geeft meermaals per jaar een opleiding over de berekeningsmethode voor onderhoudsbijdragen en de fiscale gevolgen van de verschillende methoden. De opleidingen zijn voor bemiddelaars, notarissen, en advocaten, maar andere geïnteresseerden zijn ook welkom. Er worden steeds punten aangevraagd voor de permanente opleiding bij de FBC (Federale bemiddelingscomissie) en de OVB (Orde der Vlaamse balies).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *